Inspiratiebronnen

HISTORISCHE STUDIES EN PUBLICATIES
M.J. Aalders. H.J Spijker (1802-1870), een kennismaking. Nederlands Archief voor Kerkgeschiedenis 82, 2001.
R.A.M. Aerts. De letterheren. Liberale cultuur in de negentiende eeuw: het tijdschrift De Gids. Uitg. Meulenhoff, 1997.
H. Ambtmeijer. Leidse regenten met elkaar op de Vuist, Leids Jaarboekje 2011. Uitg. Hist. Ver. Oud Leiden (oudeiden.nl).
P. de Baar. De Redder van de stad Leiden. Eerste uit reeks artikelen over herbegrafenis Van Leyden Gael. Redder van Leiden. N.a.v. 200 jaar begraafplaats Groenesteeg. Leidsch Dagblad, oktober 2013. Hoe rijk was die stinkerd niet? Zesde uit reeks. Leidsch Dagblad 25 oktober 2013.
P.J. Blok. Geschiedenis eener Hollandsche Stad. Deel IV: Eene Hollandsche stad in den nieuweren tijd. Uitg. Martinus Nijhoff, 1910.
J. ten Brink. Geschiedenis der Noord-Nederlandse letteren in de XIXe eeuw. Tweede deel. Uitg. T.J. van Holkema, 1888.
J. Deyserinck. Brieven van Aagje Wolff en Betsje Deken. Uitg. Gebr. Van Cleeff, 1904.
M. Draaisma. De Polari-affaire, 1829-1834 Een juwelendiefstal wordt een diplomatiek incident. Universiteit Groningen, 2014.
G.L. Driessen.
Het leven en de geschriften van stadsarchitect Salomon van der Paauw, Leids jaarboekje 1931. Uitg. Historische Vereniging Oud Leiden.
R.E.O. Ekhart. De Prooi der Vlammen. Bij de Stadhuisbrand van 1929 verloren gegane schilderijen, Leids jaarboekje 1979 (p113). Uitg. Historische Vereniging Oud Leiden.  
A. Frijns. Het zoet van de macht. Leiden weeshuis regenten. Leids Jaarboekje 2011. Uitg. Historische Vereniging Oud Leiden.
R. Fruin (I.A. Nijhoff, P. Nijhoff). Bijdragen voor vaderlandsche geschiedenis en oudheidkunde: Volume 7’. Uitg. Martinus Nijhoff, 1872. Huygens instituut voor Nederlandse geschiedenis. 
R. van Gelder. Zeepost, nooit bezorgde brieven uit de 17de en 18de eeuw. Uitg. Olympus, 2008.
P. Geyl. Groen van Prinsterer en de Scheuring van 1830. Uitgave Antwerpen 1936. 
R.A.M. Honings. Geleerdheidzetel Hollands Roem. Het literaire leven in Leiden 1760-1860’. Proefschrift Universiteit Leiden, 2011. Uitg. Primavera pers, 2011.
D. Hermans en D. Hooghiemstra. Voor de troon wordt men niet ongestraft geboren. Uitg. Bert Bakker, 2010.
G.J. Hooykaas. Het Leidsche postkantoor in opspraak. Leids jaarboekje 1989. Uitg. Hist. Ver. Oud Leiden.  
G.J. Hooykaas. Briefwisseling van J.R. Thorbecke 1830-1872. Deel 3, 1836-1840, KS64 p. 230.  Uitg. Martinus Nijhoff, 1975. 
J.H. Kruizinga. Levende Folklore. Uitg. Torenlaan, 1953.
R.C.J. van Maanen. De Geschiedenis van een Hollandse Stad. Deel 3: ‘Het wettelijk kader’ en ‘Liberale opmars’., p116 en p117.  H. Ambtmeijer en C. Smit. Uitg. Stichting Geschiedschrijving Leiden, 2004. 
R.C.J. van Maanen. Langdurige fraude ontdekt, B&G 15. Uitg. Bank Nederlandse Gemeenten en Vereniging Nederlandse Gemeenten., 1988. Collectie RAL.
H. Meijer. Het vuil, de stad en de dokter. (proefschrift). Onderzoek naar functioneren van de Stadsgeneeskundigen ten tijde van de cholera-epidemieën in Leiden in de negentiende eeuw (1832-1866). Universiteit Leiden, 2005.
W. Otterspeer. Groepsportret met Dame III. De werken van de wetenschap: de Leidse universiteit 1776-1876. Uitg. Bert Bakker, 2005.
A. Ponsen en E. van der Vlist. Het Fataal evenement. De buskruitramp van 1807 in Leiden. Uitg. Ginko, 2007.
F.W. Stapel. Gouverneurs-generaal van Nederl. Indië in Beeld en Woord. Uitg. W.P. Stapel, 1941.
K. van der Wiel. Leidse Wevershuisjes. Uitg. Primavera pers, 2003.
N.J. van Wijck en Jurriaanse en H. Waldorp. De Romantiek van de Spoorwegen in Nederland. Uitg. Arbeiderspers, 1975.
W.F. van Zegveld. Leidse vroedschapspenningen. Leids jaarboekje 1975. Uitg. Historische Ver. Oud Leiden. 

PERIODIEKEN
De Gids. J.H. Potgieter, o.m. over Thorbecke en proza. ’t Is maar een Pennenlikker. Uitg. Van Kampen 1840-1842.
Jaarboeken Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Levensberichten 1807-1860. O.m. ds. J.W. te Water over prof. A. Kluit (1807) en prof. M. Siegenbeek over W.P. Kluit (1837) en P.A. du Pui (1839).
F.H.G. van Itersen over Nanning Berkhout, 1855. Ontsl.: Universiteitsbibliotheek Leiden en Koninklijke Bibliotheek (KB) via Digitale bibliotheek (dbnl.nl).
Leydse courant 1807-1860. Ontsl.: Regionaal Erfgoed Leiden e.o. (RAL) (Leiden.courant.nu).
Onder meer 16 maart 1868: Kiesvereeniging Vijheid en Orde beveelt bij de verkiezingen 84 mannen aan die bij het doen van elke keuze gedachtig zijn aan het woord ‘Wat gij wilt dat u de menschen doen zullen, doet hun ook alzoo’. Onder hen J.L. Teerlink.
Weekblad van het Regt 1839-1846. Uitg. J Belinfante, ‘s-Gravenhage. Ontsl.: Universiteit Maastricht.

PUBLICATIES EN TEKSTEN VAN TIJDGENOTEN
D.F. van Alphen. Iets over armoede en het gebrek aan arbeid in betrekking tot staathuishoudkunde en staatkunde. Uitg. D. du Mortier en zoon, 1820.
Anoniem (D.D.). Adres aan de Amstel-Societeit van een handelaar in snuif. Uitg. C. Weddepohl, 1847.
Anoniem (een broeder vrijmetselaar). Sarsena of de volmaakte bouwmeester. Uitg. Gebr. Diederichs, 1837.
R.C. Bakhuizen van den Brink. Studiën en Schetsen over Vaderlandse geschiedenis en Letteren. Uitg. F. Muller, 1863.
J. Belinfante. ’s-Gravenhaagsche Stadsalmanak voor het jaar 1839. Uitg. J. Belinfante 1839.
A. Bloembergen. Intrede en huldiging van Frans, Hertog van Anjou. Uitg. ter opheldering van de Maskerade. J. Hazenberg. Cornszn. Leiden 1860.
J. de Brauw. Beschouwingen omtrent de groote strafgevangenis te Woerden, met opzigt tot de hijgiene van dat gesticht. Nederlandsch Tijdschrift voor Geneeskunde. Ned. Mij ter bevordering der Geneeskunst. Deel I en vervolg. Uitg. G.W. van der Wiel, 1853.
Gebr. van Cleef. Verslag der teregtzitting van het Hof van Assisen, provincie Holland (Zuider kwartier) gehouden den 7den maart 1834 inzake Constant Polari. Uitg. Gebr. Van Cleef, 1834.
H. Cock. De rechten van de Nederduitsche Hervormde Gemeente op het Huiszittenhuis verdedigd door H. Cock. Uitg. P. Engels, 1849.
H. Cock. Natuur-, staats- en Volkenregt, als handboek voor hunne koninklijke hoogheden. Als handschrift gedrukt bij J.G. la Lau, 1837.
Is. da Costa. De mens en de dichter Willem Bilderdijk. Eene bijdrage tot de kennis van zijn leven, karakter en schriften. Uitg. A.C. Kruseman 1859.
J. le Franq van Berkhey. Oud-Hollandsche Vriendschap. Uitg. J. van Thoir, 1809.
D.T. Gevers van Endegeest. Het Hoogheemraadschap Rijnland. Deel I en II. Gebroeders Van Cleef, 1871.
J. Hagen. Avondwandelingen in den omtrek der stad Leiden. Uitg. C.C. van der Hoek 1829.
P. Kenens. De Tiendaagsche Veldtocht. A. de Castro 1874.
A. Kluit. Historie der Hollandsche staatsregering: tot aan het jaar 1795. Uitg. Wouter Brave Amsterdam 1802-1805.
W.P. Kluit en C.J. Wenckebach. Algemeene rekening wegens de ramp, aan de stad Leyden overgekomen op den 12den Januarij 1807. ‘Vervolg en slot’. Uitg. Alg. Landsdrukkerij, ’s-Gravenhage 1838.
E. Koloff en L. Kalisch. Frankrijk, B., Groot Britanië en Ierland en zijne bewoners. Parijsche Straatindustrie. Uitg. C.C.J. Teerlink en P. Beets bij D. Noothoven van Goor, 1860.
A. Librecht Lezwijn. Aanmerkingen op het voorstel van den Heer A. Hartevelt Jz., tot verandering van het belastingstelsel der gemeente Leyden, medegedeeld 31 Julij 1852. Uitg.: A. Librecht Lezwijn,.
V. Loosjes. Gedenkschrift wegens het vierde eeuwgetijde van de uitvinding der boekdrukkunst, door Lourens Janszoon Koster. Uitg. Vincent Loosjes 1823.
P.G. Mess e.a. Eenvoudig en waarachtig verhaal van het gene in de zaak van het hoogheemraadschap van Rhijnland is voorgevallen. Rapport Hoogheemraden en hoofd ingelanden Rhijnland. 1795.
A. Montagne Iz. De Stad Leiden. Album. Uitg. D.J. Couvée, 1860.
S. van der Paauw. Verhaal van de middelen tot verversching van het water in de grachten der stad Leyden, gedurende eene reeks van bijna tweehonderd en vijftig jaren. Uitg.: L. Herdingh en zoon, 1828.
P.A. du Pui. Specimen juridicum inaugurale continens quadum de jure provinciarum Imperii Ramani. J. Douzy 1807.
C. Pruys van der Hoeven, C.W.H. van Kaathoven en G. Salomon. Geschiedverhaal van de cholera epidemie in Leiden in 1832. Uitg. C.C. van der Hoek 1833.
J. Roemer. Beschrijving van de verwoesting te Leyden, op den 12. van Louwmaand 1807’. Uitg.: Gebroeders Murray 1807.
J. Roemer. Het vijfde halve-eeuw feest over het ontzet der stad Leijden. Uitg. C.C. van der Hoek, 1824.
J. Roemer. Het vijfde halve-eeuwfeest van de stichting der Hooge schole te Leijden: in den jare 1575, gevestigd, plegtig gevierd op den 8sten februarij 1825 en volgende dagen. Uitg. C.C. van der Hoek, 1824.
J. Roemer. Gedenkschrift van den veldtogt der heeren studenten van de Hoogeschool te Leiden, ten Heiligen strijd voor Vaderland en Koning, in de jaren 1830 en 1831. Van der Hoek 1831.
G.D.J. Schotel. Tollens en zijn tijd. Uitg. Wed. D.R. van Wermerskerken, 1860.
C. Seyn. Catalogus van bijzonderheden en oudheden betreffende het beleg en het ontzet van Leyden in 1574, op de tentoonstelling in 1824. Uitg. C.C. van der Hoek, 1824..
G.P. Seyn.Specimen Literarium continens quastiones historicas annuente somma numine’. Uitg.: D.J. Couvee 1846.
W. Stoeder. 'Geschiedenis der Pharmacie in Nederland', Uitg.: Centen 1891;
A.A. Stuart.De Strafgevangenis te Woerden. Uitg. H.W. Mooij, 1865.
W.H. Suringar.Bezoeken in de gevangenis, of voorlezingen en toespraken, gehouden in den kerker’. G.T.N. Suringar 1841.
J.H. van Swinden.Verhandeling over Huygens, als uitvinder van slingeruurwerken’. Uitg.: Pieper en Ipenbuur, 1817.
A. Warin. Bedenkingen over het muntwezen in het Koningrijk der Nederlanden. Uitg. Van Cleef, 1824.
(books.google.nl)

LITERAIR
N. Beets. Camera Obscura. Fragment De huurkoetsier. Uitg. Erven Bohn, 1839.
G.A. Brederode. Moortje. De klerk Koenraedt (1617). Uitg. A.J.E. Harmsen. Universiteit Leiden.
W. Bilderdijk. Fragment Ode aan Napoleon (1806). Jaarboeken der Wetenschappen en Kunsten in het Koningryk Holland. Eerste deel, loopende over het jaar MDCCCVI. Uitg. Gebr. Van Cleef, 1809.
W. Bilderdijk. De dichtwerken van Bilderdijk. Deel XII. Fragment Mijn buitenverblijf. Uitg. A.C. Kruseman 1858.
W. Bilderdijk. Nieuwe Dichtschakeering. Fragment Verjaargroet Mr. M. Tydeman. Uitg. J. Immerzeel jr. 1819.
J. Kneppelhout (Klikspaan). Studenten-Typen. Uitg. H.W. Hazenberg & comp. 1841.
E.J. Potgieter. Proza 1837-1845. Fragment: ’t Is maar een pennelikker. Uitg.: Tjeenk Willink, 1890.
F. von Schiller. Ode an die Freude, 1785 (Beethoven 1823).
H. Tollens. Laatste gedichten. Fragment De Koopman en de Kaper. Uitg. Suringar. Rijswijk 1857.
E. Wolf en A. Deken. Wandelingen door Bourgogne. Uitg. Isaac van Cleef 1789. (books.google.nl)

Het Einde
De laatste woorden van Casper Seyn, zijn ontleend aan een later gedicht van Martinus Nijhoff.
‘Laten we niet meer denken aan wat was. God heeft met ons gedaan wat hij doen wilde.’
Uit: Het Einde, De Wandelaar (1916). Martinus Nijhoff was achterkleinzoon van Casper Seyn.
Met dank aan de erven Nijhoff.

Illustraties omslag
Omslag 'De Schatbewaarder', Hans Leijerzapf (Leiden, 1951), 2017. Naar spotprent Desterbecque, 1838. 
Schutblad voor: ‘Stadhuis Leiden’, Cornelis Springer 1867, collectie Stedelijk museum De Lakenhal.
Schutblad achter: 'Plattegrond Leiden', Salamon van der Paauw, 1860. Collectie Regionaal archief Leiden e.o.
Omslag achter: fragment ‘Kelk met inscriptie 't Welvaere deses huyse’, tweede kwart 18de eeuw, collectie Stedelijk museum De Lakenhal, Leiden. Geschenk G.P. Seyn, 1897.
Portret auteur, bij graf Jan Laurens Teerlink (1789-1874), De Groenesteeg, Leiden.