Fragment Hoofdstuk II Wilhelmus

Woensdag 8 juli 1807
Wilhelmus wenkte me naar een hoge deur, die zich achter het hekje bevond naast de balie van het postkantoor. We betraden een muffe ruimte. Het was er donker. Door het strijklicht, dat uit een raam naar binnen kwam, zag ik dat er touw was gespannen waarover vellen geschept papier hingen te drogen. Er waren ook gedrukte vellen met gezette teksten en gehavende handgeschreven aantekeningen er op. Wilhelmus noemde deze suite zijn atelier. Hij was er het werk van zijn vader aan het reconstrueren. De mufheid uit de stapels papier die hij had opgeslagen kwam je tegemoet. Er waren boeken die duidelijk onder de ontploffing geleden hadden. Soms door waterschade, soms aangeslagen door roet. Bij vlagen rook ik de kruitdampen er doorheen, alsof het tot in de diepste vezels van het papier was getrokken. Er waren ook stukken die er ogenschijnlijk gaaf uitzagen. Ik streelde de lederen kaften.
‘Dat was eerder niet zo’, lichtte Wilhelmus toe. ‘De boeken die je daar ziet heb ik opnieuw ingebonden.’ Er lagen stapels met handschriften die hun volgorde nog moesten vinden. Maar ook papieren die nog overgeschreven moesten worden.

 
Wilhelmus (Willem Pieter) kluit (1769-1837). Bron: Rijksdienst voor Kunsthistorische Documentatie [111392] .
Illustratie geraadpleegd voor onderzoek,, niet opgenomen in 'De Schatbewaarder'. 

Meer fragmenten

Fragment Proloog
Fragment Hoofdstuk I Verwoesting

Fragment Hoofdstuk V Vroedschapspenningen
Fragment Hoofdstuk VII Koppeschaar
Fragment Hoofdstuk XI Misdadig België
Fragment Hoofdstuk XV Het schijnt te Blijken
Fragment Hoofdstuk XVI Zaak Seyn
Fragment Hoofdstuk XX Hollands Spoor